weblog

Filips de Schone, Valsemunter: Dure Les uit het Verleden

Weinig heersers in de geschiedenis delen de karaktertrek van nederigheid: de hang naar meer invloed en territorium is bij hen veel ruimer bedeeld. Maar koken kost geld, en dus moet ook machts- en gebiedsuitbreiding steeds met klinkende munt bekostigd worden. Dat kan door belastingheffingen en -verhogingen, maar die zijn vanuit het oogpunt van de heerser controversieel en riskant. Veel sluwer en effectiever is het om te kiezen voor inflatie om de staatskas te spijzen.

Een van de meest dramatische voorbeelden van inflatoire machtspolitiek uit onze eigen geschiedenis was de Franse vorst Filips de Schone, die onder meer Vlaanderen binnenviel met zijn leger (we herinneren ons allemaal de Gulden Sporenslag van 1302 in opstand daartegen), de paus gevangenzette, en de orde van de tempeliers liet leegplunderen en uitmoorden. Dit alles bekostigde hij door de inkomsten van reguliere belastingen aan te vullen met inkomsten die voortkwamen uit valsemunterij. En dat laatste was algemeen bekend: In zijn Goddelijke Komedie reserveerde Dante een plekje in de hel voor Filips de Schone, als valsemunter.

Hoe deed Filips de Schone nu aan valsemunterij? Als volgt: hij zorgde ervoor dat binnen zijn territorium enkel de koninklijke munt werd gebruikt, door het gebruik van andere munten te bestraffen. Vervolgens ging hij herhaaldelijk nieuwe soorten munten uitgeven. De oude munten werden verzameld en de koning liet dan nieuwe geldstukken slaan met eenzelfde nominale waarde, maar die evenwel telkens een beetje minder zilver of goud per munt bevatten. Met het overgebleven zilver en goud werden dan munten gedrukt die de koning voor zijn eigen uitgaven gebruikte. Belasting door valsemunterij dus.

Hoe schadelijk dit inflatoire beleid was voor de Vlaamse economie leren we uit de aanklacht die de Graaf Gwijde van Dampierre in 1297 tegen de overheerser Filips de Schone opstelde:

"Wat het graafschap doet leven, zijn de goederen waarvan we gewoon zijn dat ze aangedragen worden vanuit alle delen van de wereld, over land en via de zee, onder bescherming van de graaf. Welnu, die handel hebt u vernietigd. En u spant zich elke dag weer in om die te vernietigen, tot groot nadeel voor het graafschap en voor iedereen in het land. Daar komen zoveel grote kwalen uit voort dat het onmogelijk is ze allemaal op te sommen. U hebt handelaars laten arresteren en hun goederen in beslag laten nemen. Die handelaars waren gewoon voor hun waren munten mee te brengen zoals ze wilden. Die munten waren in Vlaanderen in omloop op hun waarde, en dat leverde profijt en handel van alle goederen op. U hebt de circulatie van die munten verboden, met het bevel dat men in Vlaanderen alleen nog maar uw geld en dat van de graaf zou gebruiken. U hebt hiervoor boetes ingesteld en op vele manieren hebt u geijverd en schade doen ontstaan om uw verbod te doen naleven; U hebt in Vlaanderen geld in circulatie gebracht dat niet meer de waarde had van de oude groten tornesis aan een koers van 10,5 denier parisis, terwijl ze slechts 9,6 denier parisis of 12 denier tornesis waard waren. Dat heeft dan ook de munt van de graaf doen ontwaarden, hoewel die correct was in gewicht en in zilvergehalte, aan vier denieren die vijf denieren van Tours waard zijn. Op die manier zijn handelaren afgeschrikt om nog naar Vlaanderen te komen. En u hebt uw bevelschriften gehandhaafd, ondanks de smeekbeden van de graaf."(1)

Wat we uit deze zevenhonderd jaar oude brief leren is dat inflatiepolitiek ten lange leste voor grote economische onzekerheid zorgt, waardoor handelaren wegblijven en de bevolking verarmt. Een scenario dat we de dag van vandaag herhaald zien, met name op het Amerikaanse en Europese continent, en met uitschieters als Ijsland, Engeland en uiteraard Zimbabwe.


Citaat uit: J.F. Verbruggen, R. Falter: "1302 — Opstand in Vlaanderen".


> Zie ook: "Waarom stijgen de prijzen—wat is inflatie?".
> Zie ook: "
Het gezicht van Hyperinflatie".