


| Meulders de onversaagde | | Afdrukken | | E-mailadres |
| Geschreven door Tuur Demeester |
| vrijdag, 05 februari 2010 21:21 |
Speelden filosofen tegen elkaar in teams, dan zou de laatste prestatie van jong talent Xavier Meulders ongetwijfeld een overnamebod van een vrijheidslievende topclub hebben opgeleverd. In zijn artikel "Vertoog over de metafysische grondslagen van de staat" verweeft hij moeiteloos geschiedenis, rechtsfilosofie en metafysica met elkaar tot een diepgaande bespiegeling over de oorsprong van de staatsgedachte. Daarbij houdt Meulders geen blad voor de mond: "In wezen is er aan de ‘gewelddadige dialectiek’ van de 19de eeuw ... maar weinig veranderd, met dat verschil dat die dialectiek nu op een veel rustigere manier verloopt, maar daarom niet minder gevaarlijk. Zo worden transnationale instellingen als de Europese Unie gelegitimeerd omdat zij ervoor heeft gezorgd dat sinds 1945 geen enkel kanon meer heeft gebulderd op West-Europese bodem. In wezen zijn zij slechts instituten om de macht van de staat verder te consolideren en uit te breiden, en worden zij slechts gelegitimeerd door de bevolking een vals bewustzijn aan te smeren. De façade van een kantoorgebouw waarin een horde ambtenaren werkzaam is, mag dan misschien veel gemoedelijker lijken dan een militaire kazerne waar een junta wordt voorbereid, maar beiden zijn even gevaarlijk. De menselijke vrijheid kan immers net zo goed versmacht worden door een overdosis regelgeving en fiscale lasten, als door een kogel aan een fusilleerpaal." De conclusie van het artikel: "De staat gaat nog altijd uit van een 'prefenomenologische ingesteldheid', waarin zij het recht ziet als een artefact dat enkel en alleen maar bij gratie van de staat kan ontstaan, en hieraan zijn geldigheid ontleend. Dat dit een sofisme is, kan dan wel snel ontmaskerd worden, maar het is aan de mens zelf om dit te ontdekken. Hoewel het dus zeker niet vaststaat dat de geschiedenis een verschrikkelijk oordeel zal vellen over de staat, en het manipulatieve vocabularium dat zij hanteert, kan alleen maar de expliciete hoop worden uitgedrukt dat dit ooit zal gebeuren. Het is hoe dan ook de taak van de filosoof-praxeoloog om de weg uit deze duisternis mee te wijzen." De avontuurlijk aangelegde lezer die het filosofische raamwerk van Meulders' artikel (opgebouwd uit academisch-jargontisch maar evenzeer speels en precies Nederlands) binnenklautert, wordt beloond met uitdagende en stimulerende perspectieven. Op onnavolgbare en stoutmoedige wijze behandelt Meulders hoe door de geschiedenis heen de veranderende antwoorden op de vragen van wie de mens is, wat de wereld is, en wat we over die dingen kunnen kennen, zuurstof gegeven of ontnomen hebben aan ideeën over het "waarom toch" van de staat. > Xavier Meulders: Vertoog over de metafysische grondslagen van de staat |