weblog

De oorzaken van de kredietcrisis

Koen Swinkels en Frank Karsten

Het is niet de vrije markt, maar juist het overheidsingrijpen in die markt dat de huidige crisis heeft veroorzaakt.

Van alle kanten horen we dat de crisis is veroorzaakt door de hebzucht van bankiers en andere financiƫle instellingen, en dat de tijd van het ongebreidelde marktdenken nu duidelijk voorbij is.

Maar bankiers zijn altijd al hebzuchtig geweest, net zoals de andere spelers op de vrije markt. Zoals Adam Smith al opmerkte: het is niet uit de goedheid van zijn hart dat de bakker brood bakt, dit doet hij alleen om er zelf beter van te worden.

Dus hebzucht per se verklaart niet waarom banken nu opeens massaal zulke grote fouten hebben gemaakt die de hele economie in gevaar brengen. Normaliter als een bedrijf op de vrije markt foute beslissingen neemt, slechte investeringen doet, dan maakt het verlies en gaat het uiteindelijk failliet of wordt het opgekocht. Langdurig en op grote schaal slechte investeringen doen is in de vrije markt simpelweg niet mogelijk.

En dit is meteen het probleem: terwijl de schuld voor de huidige crisis bij de vrije markt wordt gelegd, is er feitelijk helemaal geen sprake van een vrije markt. Het zijn juist de onderstaande voorbeelden van overheidsingrijpen in de markt die de oorzaak zijn van het riskante gedrag van banken en daarmee van de crisis.

1. Community Reinvestment Act

De Amerikaanse Community Reinvestment Act (CRA) verplicht banken op grote schaal leningen te verstrekken aan niet kredietwaardige groepen (subprime loans). Banken werden beschuldigd van discriminatie omdat ze niet vrijwillig hypotheken verstrekten aan mensen die een te groot risico vormden, en dus verplichtte de overheid hen dit te doen. De banken reageerden op deze wet met het verstrekken van hypotheken met flexibele rentepercentages en een laag beginpercentage.

Dit ging een tijd goed door het ruime geldcreatiebeleid van de centrale bank, maar vroeg of laat moest hier een einde aan komen, zoals we hieronder zullen bespreken. Toen de rentepercentages stegen, konden velen hun hypotheken niet meer betalen. Banken maakten daardoor enorme verliezen.

2. Kunstmatig lage rentestanden

De Amerikaanse Centrale Bank (Fed) zorgt voor rentetarieven beneden het marktniveau om zogenaamd de economie te stimuleren. Zo verlaagde de Fed de rente van 6% in januari 2001 tot 1% in juni 2003. Deze renteverlagingen komen tot stand doordat de centrale bank vanuit het niets geld kan scheppen en dit goedkoop aan banken kan aanbieden. Banken krijgen dus goedkoop krediet van de centrale bank terwijl het geld van alle andere mensen hierdoor minder waard wordt. De lage rentetarieven stimuleren banken tot het uitschrijven van leningen die bij een hoger rentetarief (zoals dat op de vrije markt het geval zou zijn) nog te riskant werden geacht.

Door het goedkoop geldbeleid van de centrale bank ontstond de huizenbubbel. Door de goedkope leningen konden meer mensen huizen kopen. De vraag naar huizen liep dus op en daarmee de huizenprijzen. Leners denken zo veilig te zijn voor de toekomst vanwege de overwaarde van hun (te kopen) huis. Mensen gingen hierdoor veel meer risico nemen, duurdere huizen kopen dan ze anders zouden doen bijvoorbeeld, omdat ze er van uitgingen dat de prijzen alleen maar zouden stijgen.

Maar de boom was enkel gebaseerd op het goedkope geldbeleid van de Fed en onvermijdelijk is dat deze kunstmatig gecreƫerde luchtbel een keer knapt, wat dan ook gebeurde. Hierdoor daalden de huizenprijzen en verdampte de overwaarde (op basis waarvan huizeneigenaren vaak ook nog andere leningen namen) waardoor mensen in de problemen raakten en hun hypotheek niet meer konden aflossen.

3. Abrupte renteverhogingen

De inflatie die door de Fed door middel van geldcreatie veroorzaakt wordt, moet later door diezelfde Fed worden tegengegaan door renteverhogingen omdat ze anders hyperinflatie riskeren. Dit zorgt vaak voor een abrupte rentestijging waardoor leners in de problemen komen.

Socialisme voor de rijken betekent dat bankiers zelf de winst mogen houden van risicovolle activiteiten maar het verlies op de belastingbetaker mogen afwentelen.

4. Socialisme voor de rijken

Centrale banken en regeringen hebben de reputatie (en historie) falende banken en hypotheekverstrekkers uit de problemen te helpen (zie Freddie Mac, Fannie Mae, AIG, Bear Stearns, en Northern Rock). Critici noemen dit ook wel Socialisme voor de rijken of Welfare for the rich. Dit stimuleert banken tot onverantwoordelijk uitleengedrag, gedrag dat ze in een werkelijk vrije markt niet zouden vertonen. Winst uit zulke risicovolle ondernemingen wordt opgestreken door de bankiers terwijl verlies wordt afgewenteld op de belastingbetalers.

5. Fractioneel bankieren

De Fed staat banken toe fractioneel te bankieren. Van de 100 euro die mensen bij een bank in bewaring geven wordt bijvoorbeeld 80 euro weer uitgeleend. De eigenaren van die 100 euro kunnen hun geld dus niet meteen opeisen (wat bij Northern Rock tot een bankrun leidde en de bank bijna failliet liet gaan). In feite plegen banken met dit fractioneel bankieren fraude aangezien zij hun klanten ten onrechte beloven dat hun tegoeden meteen opeisbaar zijn. Banken lenen dus continu geld uit dat ze niet in de kluis hebben en ze lopen daardoor continu risico op een bank run en zijn inherent onstabiel. De overheid staat dit toe en maakt het mogelijk door banken te hulp te schieten als ze in de problemen komen.

Conclusies

Uit bovenstaande punten blijkt dat de huidige problemen niet het gevolg zijn van de vrije markt. Het is juist het overheidsingrijpen dat ervoor zorgde dat banken riskante leningen konden of moesten aangaan, dat banken continu geld uitlenen dat ze niet hebben en daardoor inherent onstabiel zijn. en dat ze zich weinig zorgen hoefden te maken over de risico's omdat de centrale bank hen als puntje bij paaltje komt wel uit de brand zou helpen met goedkoop krediet.

De huidige situatie is geen vrije markt, maar een mengeling van kapitalisme, corporatisme en socialisme. De huidige situatie is dan ook geen vrije markt, maar een mengeling van kapitalisme, corporatisme en socialisme en het zijn juist die laatste twee invloeden die voor de problemen zorgen. Economen van de zogenaamde Oostenrijkse School wijzen al jarenlang op deze problemen en voorspelden jaren geleden dan ook al dat deze crisis eraan zat te komen. Dezelfde economen bekritiseren ook de oplossingen die nu worden aangedragen, zoals Paulsons bailout plan: Overheidsingrijpen heeft de crisis veroorzaakt en te denken dat de enige oplossing nog meer opverheidsingrijpen is, is onzinnig en gevaarlijk.

Wat er feitelijk gebeurt bij zulke oplossingen is dat de problemen enkel worden uitgesteld en in die tijd alleen maar verergeren. Daarnaast wordt door de overheid gebruik gemaakt van de situatie door burgers en politici zoveel angst aan te jagen dat deze instemmen met bijvoorbeeld Paulsons plan. Hierdoor komt de controle van de Amerikaanse economie feitelijk in de handen van de Amerikaanse overheid en bevriende bankiers en draaien belastingbetalers en consumenten voor de kosten op.

De enige duurzame oplossing is in feite heel simpel: laat de instellingen die in de problemen zijn gekomen gewoon failliet gaan zoals elk normaal bedrijf dat slecht presteert. Betere instellingen zullen hun plaats innemen. Schaf de centrale bank af en laat geld aan de vrije markt over. Sta geen fractioneel reserve bankieren meer toe en schaf wetten af die bankiers dwingen te riskante leningen te verstrekken.

Koen Swinkels is filosoof en voormalig webmaster van MeerVrijheid.nl.
Frank Karsten is oprichter van de stichting MeerVrijheid.